Pas op: WK-land heeft codes oranje en geel en dan ben je niet verzekerd
3 juni 2026
reisverzekering
Vakantiegeld binnen? Zo spaar je slim en krijg je meer rente
3 juni 2026

Dankzij de nieuwe ERE-regeling (Emissiereductie-eenheden) kunnen mensen met een elektrische auto flink geld verdienen. Dat blijkt uit onderzoek. Omdat elektrisch rijden beter is voor het milieu, krijg je daarvoor geld op je rekening gestort. Per kWh bedraagt de vergoeding als je de auto thuis oplaadt tussen de zeven en tien cent. Afhankelijk van hoeveel kilometer je per jaar rijdt, kan de besparing oplopen tot honderden euro’s.

In Nederland rijden momenteel ruim 660 duizend volledig elektrische personenauto’s en 1,3 miljoen hybrides, samen goed voor zo’n 22 procent van het totaal. De ERE-regeling moet elektrisch rijden verder stimuleren, omdat het milieuschade beperkt. 

Rijd je zo’n 17.500 kilometer per jaar, dan kan dat ongeveer €210 tot €300 opleveren. De vergoeding wordt berekend per geladen kilowattuur (kWh). Een elektrische auto rijdt gemiddeld zo’n 5 à 6 kilometer per kWh, en op basis daarvan kom je op dit bedrag uit. Het kan nog verder oplopen in combinatie met een dynamisch energiecontract en laden op voordelige momenten.

Zo wordt thuisladen vergoed

De ERE-regeling is een vergoeding voor mensen die thuis hun auto kunnen opladen. Voor elke kilowattuur (kWh) die je laadt, ontvang je een bedrag, omdat je daarmee CO₂-uitstoot bespaart. Die besparing wordt omgezet in emissiereductie-eenheden, die vervolgens worden verkocht aan brandstofbedrijven.

Het gaat niet om een overheidssubsidie. Olie- en brandstofbedrijven financieren de regeling, omdat zij via Europese en Nederlandse wetgeving verplicht zijn het aandeel hernieuwbare energie in vervoer te verhogen. Elektrisch laden helpt hen om aan die verplichting te voldoen. De vergoeding is op dit moment vooral bedoeld voor particulieren die thuis hun elektrische auto opladen en dit registreren via een aanbieder. In sommige gevallen kunnen ook zakelijke rijders deelnemen, afhankelijk van hoe het laden wordt vastgelegd. 

Opbrengst hangt af van laadgedrag

Hoeveel vergoeding je precies ontvangt, hangt af van het aantal kilowatturen dat je thuis in je auto laadt. Eigenlijk is het simpel: hoe meer je laadt, hoe hoger de vergoeding. Zonnepanelen of een dynamisch energiecontract zijn geen vereiste, maar kunnen wel helpen om het laden slimmer en voordeliger in te richten.

Uit aanvullend onderzoek blijkt dat huishoudens met een dynamisch energiecontract gemiddeld 3.555 kWh per jaar opwekken met zonnepanelen, tegenover 2.865 kWh bij een vast contract. Dat is bijna 25 procent meer. Dat kan indirect doorwerken in de opbrengst uit de ERE-regeling. Huishoudens die meer eigen opgewekte stroom gebruiken om hun auto thuis op te laden, kunnen ook meer verdienen via de regeling.

Zelf aanmelden anders geen vergoeding

Meld je dus zo snel mogelijk aanbij een erkende inboekdienstverlener, dan ben je ook sneller aan de beurt voor uitbetaling. Zo’n dienstverlener registreert en bundelt de laadsessies van elektrische rijders en zet die om in emissiereductie-eenheden (ERE’s), die vervolgens worden verkocht aan brandstofbedrijven.

Particulieren die vroeg instappen, worden meegenomen in de eerste uitbetalingsronde. Daardoor kan de vergoeding maanden eerder op de rekening staan. Let wel: niet elke aanbieder richt zich op particulieren. Daarom is het raadzaam dit van tevoren te controleren. 

De regeling is eind maart definitief goedgekeurd door de Eerste Kamer en vervangt het bestaande systeem van Hernieuwbare Brandstofeenheden (HBE’s). Ook zakelijke rijders en bedrijven kunnen gebruikmaken van het systeem, maar vaak via andere routes, zoals laadpassen of wagenparkbeheerders. Voor elektrische rijders wordt thuisladen hiermee aantrekkelijker. De drempel om mee te doen ligt lager en de vergoeding komt sneller bij de gebruiker terecht.

Strengere regels voor laadpalen

Tegelijkertijd zijn de voorwaarden aangescherpt. Zo moet de elektriciteitsmeter voortaan in de laadpaal zelf zitten (een zogeheten MID-meter), die precies bijhoudt hoeveel stroom er wordt geladen. Een losse meter in de meterkast volstaat niet meer. Inboekdiensten controleren dit bij aanmelding, bijvoorbeeld via een serienummer of foto.

De strengere eisen zorgen ervoor dat alleen verifieerbare laaddata wordt gebruikt. Dat maakt de regeling betrouwbaarder, maar vraagt ook iets meer voorbereiding van consumenten die gebruik willen maken van de regeling. Consumenten moeten zelf controleren of hun laadpaal een MID-meter heeft. Is dat niet het geval, dan kan het nodig zijn om de laadpaal te vervangen of aan te passen. Daar kunnen kosten aan verbonden zijn, afhankelijk van het type laadpaal en de installatie. Maak voor jezelf dus een goede rekensom, wegen de eventuele kosten op tegen het bedrag dat je gaat terugverdienen met deze nieuwe regeling.